D’un Temps Perdu

Voltooid Verleden Tijd
An Irrevocable Past

‘D’un Temps Perdu’, is een aanvulling op mijn CV en gaat over alles wat er ondertussen ook gebeurde, belangrijk was, aan de zijlijn stond en wat ik op mijn weg tegenkwam…

‘D’un Temps Perdu’ is an addition to my CV. It is about everything that was important, that also went on and that came my way…

de Paulstraatters

de Paulstraatters (foto schilderij Annie Wright)

Share this Post

 

Dun temps perdu 2016



95 In Connemara

Tuesday February 21st, 2017 01:52 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Op 9 dec 1972 gingen Hank en ik naar Ierland om de winter door te brengen in een ‘cottage’. Twee maanden daarvoor waren we er langs gelopen en in een impuls hadden we het voor vier maanden gehuurd. Daarna liften we verder naar het noorden en kochten tenslotte het huis in Polranny. Toen we bij de cottage terugkwamen, kwamen we er pas achter dat er slechts eenmaal per week op de woensdag een bus langs kwam, dat het 6 km lopen was naar Leenane waar een winkel was en dat de lokale bevolking niet zat te wachten op buitenlanders die buiten het toeristenseizoen hun streek kwamen bezoeken. We hadden geen betere introductie tot Ierland kunnen krijgen. Na deze ervaring kon het alleen maar beter. Toen we in mei ons huis in Polranny betrokken kon het verschil met Connemara niet groter zijn: drie maal per dag een bus langs het huis, een winkel op 25 minuten lopen en buren die ons met warmte en gastvrijheid ontvingen. Ik maakte een stripje van de aankomst van Anatolia in Ierland waarin ze nadat ze uit de bus gestapt is, eerst eindeloos moest lopen door een kaal landschap slechts bewoond door schapen, voordat ze op een prachtige plek aankomt. Dit is de tweede bladzijde met de weg van Leenane naar Glassilawn waar de cottage stond. Zie ook post 30 en 32 (95 Connemara 1973)



94 Portretje van Paulstraat 76

Wednesday February 15th, 2017 03:00 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Eén van de grote verrassingen die uit de lade in de Box Room in Polranny kwam, was een dwarsdoorsnede van De Paulstraat met bewoners en Naasten. Ik herinner me zelfs niet dat ik deze tekening ooit gemaakt heb. Ik dateer hem begin 1971. Maar het kan ook laat 1970 zijn geweest toen Hank Kune al ‘ingetrokken’ was, maar Natasja Kaindle nog niet. Het komt goed overeen met de eerdere posts 17 en 18. Van links boven naar rechts beneden zien we: Henki Vos, Frans Jongmans, Biddle en z’n vrouw, Hank Kune, ik met Hema worst, de Verhuurder marktkoopman van bloemen, Peter Linde, Natasja en Dick van der Meijden de eerste die in het pand een atelier gehuurd had. In die tijd mocht je in een atelier van de SLAK nog geen ‘bed’ hebben staan. Kunstenaars zochten dan ook vaak naar andere plekken om te huren. Biddle en Henki volgden en toen Frans. Dick ging er uit en ik kwam in 1969 in zijn atelier. (94 Paulstraat 76 1971)



93 Klarendallers

Tuesday February 14th, 2017 09:52 AM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Arnhem was een echte Kunst Stad toen ik er op de academie zat. Behalve de kunstacademie was er een toneelschool verbonden aan een gerenommeerd theatergezelschap en een muziekschool met connecties met het Gelders Orkest. Overal in de stad kwam je musici, kunstenaars en theatermensen tegen, maar het meest in het Spijkerkwartier en in Klarendal. Het Spijkerkwartier was een buurt van hoeren en voorname Brusselse huizen en Klarendal was een volksbuurt doorspekt met Turken en kunstenaars (zie ook post 17 en 18). Toen ik voor het eerst in Klarendal kwam, in het atelier van Dick van der Meijden wat later mijn atelier zou worden, was de buurt nog ‘heel’. Kort daarna toen nieuwe wijken zoals Malburgen en Presikhaaf opgeleverd werden, liep Klarendal leeg. Woningen en winkels die op de nominatie stonden gesloopt te worden, werden toegewezen aan de SLAK of onderverhuurd aan gastarbeiders. Maar er waren nog oorspronkelijke bewoners die niet weggingen, winkeltjes die openbleven en zaken die bleven draaien. Zo was er de melkboer onderaan de Paulstraat, de schillenboer en paardenstal in dezelfde straat en de bij kunstenaars en Turken populaire wasserette op de Klarendalseweg. Het coëxisteren van de verschillende bevolkingsgroepen zonder dat er enig betekenisvol onderling contact was, vond ik fascinerend (zie ook post 22). In deze tekening uit 1971 volgen Dick en Peter voor de lol met hun camera’s de twee in Hot Pants gehulde zusjes van de wasserette. (93 Klarendallers 1971)



92 De eerste sneeuw

Monday February 13th, 2017 09:20 AM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Als ik deze post plaats op 13-02-2017 sneeuwt het al een paar dagen in Amsterdam. Facebook staat dan ook vol met prachtige foto’s die mensen gemaakt hebben van dat heerlijke fenomeen: De Eerste Sneeuw. Vallende sneeuw is toch weer heel anders dan regen. Beide vervagen de contouren van wat je ziet. Regen is echter hectisch en sneeuw verstillend. Sneeuw neemt ook kleur en contrast weg. Het worden allemaal rustige, grijze beelden. En omdat het nog maar zo weinig voorkomt, heeft het ook iets ouderwets: iets Anton Pieckerig. In de zeventiger jaren toen ik alles wilde kunnen tekenen, heb ik me er ook aan gewaagd om een scene met vallende sneeuw te tekenen. Het was weer een van de vele strips die nooit verder zou komen dan de eerste plaatjes en die meer bedoeld was om iets specifieks uit te proberen. Zo gauw het verhaal zich dan verder moest ontwikkelen, verloor ik de puf. De tekening is zeker gemaakt in Ierland in ’74 of ’75. Ik was in mijn L.W.R. Wenckebach periode (zie ook post 36). Iedere achtergrond of decor werd toen voorzien van Amsterdamse elementen. Zoals in deze tekening de lantarenpalen en de trappenstoep. Verder is het wel een leuke strip. De kou in, het afzien en dan het plezier. (92 De eerste sneeuw 1974)



91 Het Roefje

Saturday February 11th, 2017 09:02 AM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Behalve voor de theoretische vakken kregen we nooit huiswerk op de academie (zie ook posten 4 en 5). Behalve die ene keer in de allereerste week in 1965. Toen kregen we de opdracht om onze omgeving thuis te tekenen. Ik herinner mij nog goed dat ik erg blij was met de opdracht, want ik was trots op mijn kamertje op de zolder van het huis aan de Hatertseweg 431. Het huis was gloednieuw toen mijn grootouders het in 1936 betrokken. Zoals de meeste huizen toen in Nederland was het een huurhuis. Mijn oom Wim, toen nog werkeloos architect, toog meteen aan het werk om er dingen aan toe te voegen zoals een badkamer en een extra kamer op zolder. Het dak was in een hoek, de twee kanten even lang. Hij koos de kant met twee kleine vierkante raampjes in de gevel die over de landweg uitkeken om er een kamer in te bouwen. De raampjes leken een beetje op patrijspoorten van een schip en hij maakte van het kamertje een kapiteinshut. Dat was een beetje te hoog gegrepen voor mijn Marxistische grootouders en het kamertje kreeg als naam ‘Het Roefje’. Het kamertje had geen verwarming. Het was een zomerkamertje en dus ongeschikt voor de mannen ‘en pension’. Maar ideaal voor mij vooral toen het een elektrische kachel kreeg. Bovendien was de zolder afgesloten van de rest van het huis door een deur. Vanuit mijn bed tekende ik het geliefde bureautje, wereldbol en het vreemde meubelstuk dat zowel trapleer als knielstoel was en dat ik als boekenkast gebruikte. (91 Het Roefje 1965)



90 En toen waren er The Beatles

Friday February 10th, 2017 08:20 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
In 1962 had ik een afgedankte radio van mijn tante Taat gekregen en een Lenco draaitafeltje verdiend met vakantiewerk. Ik luisterde op mijn kamertje naar Radio Luxemburg en draaide plaatjes van Francoise Hardy en Leny Escudero en toen waren er plotseling The Beatles op de voet gevolgd door The Rolling Stones. Had Francoise Hardy al de tienerangst in focus gebracht, de Beatles en Stones brachten de jeugdcultuur op een geheel nieuw niveau. Ze veroorzaakten ook een Wij-Zij gevoel. De oude garde tegenover de jongeren die alles anders wilden, beginnend met de lengte van jongenshaar. De post Tweede Wereldoorlog drang naar succes door conformeren werd aangevochten. Juist niet conformeren werd belangrijk. Het was dan ook een statement van mij toen ik mij begin ‘65 ging aanmelden voor de ABK in Arnhem met portretjes van de vier Beatles(zie ook post 2). Het was een dubbeltje op z'n kant. Het kon twee kanten op vallen: de kant van ‘onvolwassen tienerdweperij’ of de kant van ‘weten wat er aan de hand is’. Typisch voor de academie in Arnhem in die tijd viel het dubbeltje naar de laatste kant. Later toen de Beatles ‘gemeengoed’ werden, heb ik er beschaamd en besmuikt om gelachen. Nu kijk ik Masculin Feminin van Jean Luc Godard uit 1965 nog wel eens. De film werd toen door ‘Links’ verguisd als ‘reactionair’. Maar het wil iets overbrengen waarvoor de cliché’s nog niet bestonden. Daarom lijkt het leeg net als mijn Beatle portretjes. (90 The Beatles 1964)



89 Onbekende landschappen

Friday February 10th, 2017 08:16 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
In 1961 bezochten mijn moeder en ik Per Hellman en zijn familie in Zweden. Per had als student bij ons thuis gewoond toen ik vijf was. We waren altijd vrienden gebleven en op een gegeven moment was het dan zover: wij gingen in de zomervakantie naar Zweden. Per woonde met zijn familie in een buitenwijk van Stockholm. Ik was een nuffige tiener en vond Stockholm maar erg cultuurarm. De openbare ruimte werd ook nog ‘verpest’ door grote lelijke beelden. Ik was echter diep onder de indruk van de ‘wilde natuur’ die zich met gretige vingers de stad binnendrong. Het werd helemaal mooi toen Per ons mee nam met zijn familie op vakantie naar åland een eilandengroep tussen Zweden en Finland in. We hadden een primitief vakantiehuisje pal aan de kust tegenover de hoofdstad Marienhamn waar we met een roeiboot boodschappen gingen doen. Er lag ook een grote klipper die een museum was, maar tot in de vijftiger jaren als vrachtvaarder de zeeën had bevaren. Dit was een vakantie om nooit te vergeten. Vooral toen er ook nog een wereldoorlog dreigde toen de DDR een muur dwars door Berlijn bouwde. Mijn moeder had haar plan al klaar: ‘Ik ga niet naar Nederland terug.’ Bij terugkeer maakte ik krabbeltjes van de landschappen die ik gezien had. Later zette ik er één om in vetkrijt. (89 åland impressie 1964)



88 Het detail vertelt het verhaal

Friday February 10th, 2017 11:12 AM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Bij verhalende tekeningen, illustraties en strips zijn het de details die het meeste zeggen. In tegenstelling tot cartoons waarin in één oogopslag te zien moet zijn waar het om draait. De ‘plot’ van een verhalend beeld kan mager zijn. Dat hindert niet zolang de detaillering de inhoud bevestigt, benadrukt en aanvult. Hergé was daar een meester in. De verhaallijn van ‘De Juwelen van Bianca Castafiore’ is uiterst simpel. Het zijn de toegevoegde details die het een complex stripverhaal maken. Mark Smeets de grote de-constructeur van de stijl van Hergé, had dan ook helemaal geen plot nodig om een verhaal te vertellen. Hij deed het met schijnbaar onsamenhangende details. Toen ik op mijn dertiende mij in het Hergé universum waagde, introduceerde ik in deze tekening mijn idee van een ‘mieters’ feestje: historische kostuums en een ‘vlot' jazzbandje zoals dat van de buurman achter, in een ruimte die het meest weg had van een parochiezaaltje. ‘Perspectief tekenen’ had ik al eerder geleerd van één van de ‘mannen’ die ‘en pension’ woonde bij ons thuis en die in de avond een schriftelijke cursus technisch tekenen volgde. (88 Ook naar Kuifje 1959)



87 Kuifje

Thursday February 9th, 2017 04:47 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Ik was al 13 toen ik eindelijk kennismaakte met Kuifje van Hergé. Het was liefde op het eerste gezicht. Een klasgenootje had mij een stapeltje ‘oude’ Kuifjes met harde kaft gegeven, want zij en haar broertje waren ‘te oud voor dat kinderachtige gedoe’. Strips hadden een kwalijke naam vooral bij ouders die bang waren dat verhalen in plaatjes hun kroost intellectueel ‘lui’ zouden maken. Mijn moeder was van hetzelfde kaliber. Maar zij bond al snel in toen ze merkte dat ik zo ie zo een boekverslinder was. Dat presenteerde weer heel andere problemen: ‘Ga eens buiten spelen, je zit alsmaar te lezen.’ Kuifje raakte mij op dezelfde manier als ooit Alice in Wonderland van Walt Disney had gedaan en de kinderversie van Duizend en één Nacht met illustraties van Rie Kramer. De tekeningen opende mijn geest voor de wonderbaarlijke dingen die op aarde te beleven zijn. Het goede aan Kuifje vond ik niet alleen de spannende verhalen, grappen en excentrieke figuren waarmee Hergé de boeken vulde, maar vooral de aandacht voor de details. Zijn hele universum was prachtig getekend. De landschappen, steden, vervoersmiddelen en aankleding waren echt en toch anders genoeg om ruimte voor fantasie open te laten. Ik wilde me zijn stijl eigen maken en gebruiken om mijn eigen universum mee te vullen. (87 Naar Kuifje 1959)



86 Mijn geschiedenisboek

Wednesday February 8th, 2017 02:23 PM noreply@blogger.com (Peti Buchel)
Toen ik 12 was, heb ik mijn eigen leerboek Geschiedenis geschreven. Waarom? Van De Sterre onze jonge geschiedenisleraar hield zich niet zo streng aan de tekst van Rijpma het leerboek dat we toen hadden. Ik was zo dol op het vak dat ik een synthese van beide wilde maken. Mijn leerboek gaat overigens niet verder dan ‘De Oude Geschiedenis’. Er is duidelijk met veel enthousiasme en overgave aan gewerkt. Wat ook opvallend is, is dat ik het project het hele schooljaar heb volgehouden. Misschien wel de enige keer in mijn jeugd dat ik iets volhield. In de scan is de eerste bladzijde te zien en een voorbeeld van de eigen tekeningen waarmee ik het boek doorspekte. De afbeeldingen van een Hunebed van buiten en van binnen zijn natuurlijk nagetekend van foto’s maar mijn ‘handschrift’ is al duidelijk herkenbaar. (Mijn geschiedenisboek ’58 ’59)



Link blog D’un temps perdu

© Peti Buchel